Verwerkte oogst

 

WIJNOPZET voor 4kg bramen, zwarte- of vlierbessen.

Ingrediënten

½ l gekookt, afgekoeld water

50 g gewone kristalsuiker

Sap van een citroen en een sinaasappel

Een flinke mespunt gistvoedingszout.

Wijngist

Instructies

Maak in een weckglas zonder elastiek, een giststarter van;

  1. ½ l gekookt, afgekoeld water
  2. 50 g gewone kristalsuiker
  3. Sap van een citroen en een sinaasappel
  4. Een flinke mespunt gistvoedingszout.

Aan dit mengsel wordt de wijngist toegevoegd, de fles of pot elk uur even schudden of om de paar uur. Temp. 20 – 26#. Nacht laten staan, de volgende dag is de starter bruikbaar.

De bessen schoonmaken, in een grote emmer doen en prakken met een stamper. 1 kg overrijpe bananen erdoor prakken. Zoveel water toevoegen, (5 ltr) dat de prut royaal onder staat. Voeg hierbij de voorgeschreven hoeveelheid pecto-enzymen toe en roer deze stof er grondig door.

Voeg een mespunt sulfiet toe en roer deze door met een houten lepel. Voeg 5 g wijnsteenzuur en 1 kg suiker toe. Dek de emmer af met een doek of losse deksel. Laat 3 dagen pulpgisten.

Zeef de massa, door een VERGIET, daarna door een doek. Het sap overbrengen in het gistingsvat. De rest van de suiker oplossen en erbij gieten als het afgekoeld is. Met water bijvullen tot de fles tot 8 ½ l. gevuld is.

Zodra de gisting wat afneemt, 5 g wijnsteenzuur toevoegen en de fles afvullen tot 9 ½ liter. PROEF DE WIJN. Het kan nodig zijn, om nog 750g suiker op te lossen in die liter water. Bij elke handeling waarbij zuurstof bij de wijn kan, een mespunt sulfiet toe te voegen. Als er al een hoeveelheid alcohol gevormd is, wordt de wijn minder kwetsbaar voor bacteriën.

Gistingsvat wegzetten op kamertemperatuur. Toezien dat er koolzuur gevormd wordt. Wijn in gistingsfles laten rijpen. Elke week proeven. Als de wijn te zuur smaakt, nog een keer een liter water, met daarin opgelost 750 g suiker toevoegen. Dit kun je ook doen om de gisting gaande te houden. (bij bramen kan de gisting te vroeg wegzakken)

Houd ook in de gaten hoe de wijn ruikt, smaakt en stuur zo nodig bij.

Wijn in totaal ongeveer 6 weken laten rijpen en dan bottelen. Als je een vat met een kraantje onderaan hebt, is het handig om de wijn er langzaam uit te laten lopen door een zeef met een doek, in een kom met schenktuit, zodat je daarna de wijn door een trechter gelijk in de fles kan doen.

Heb je geen kraantje, kun je de wijn zeven op dezelfde manier door hem gewoon uit de vergistingsfles te gieten, in een emmer met zeef en doek.